Familiebedrijven zijn hot

Magazines | Utrecht Business Nr 4 - 2013

Waardering voor onderscheidende eigenschappen neemt toe

Familiebedrijven

zijn hot

TEKST HANS HAJÉE FOTOGRAFIE ERIC FECKEN

Roberto Flören bezet niet alleen de Leerstoel Familiebedrijven en Bedrijfsoverdracht maar is ook hoofd faculteit op Nyenrode. Hij is afkomstig uit een ondernemersfamilie en doet al ruim twintig jaar onderzoek naar familiebedrijven. Die blijken op de lange termijn succesvoller dan niet-familiebedrijven. ‘Familieondernemingen bestaan langer, personeel blijft langer in dienst en is tevredener. Ook is er een hechte relatie met klanten en leveranciers. En door de hogere solvabiliteit kunnen zij vaak een stootje hebben.’

Pieken en dalen

Uiteraard hebben ook familiebedrijven last van de crisis. ‘In welke mate hangt vooral af van de sector waarin zij actief zijn. Een cosmeticaproducent zal het momenteel waarschijnlijk beter doen dan een bouwbedrijf.’ Maar bij gelijke randvoorwaarden presteren familiebedrijven gemiddeld beter. ‘Uit onderzoek blijkt dat familiebedrijven in tijden van crisis minder krimpen dan niet-familiebedrijven. Anderzijds blijven hun prestaties in een hoogconjunctuur juist wat achter. Zowel pieken als dalen zijn minder extreem. Dit beeld is ook internationaal zichtbaar; het is de aard van het beestje.’

Naam op de gevel

Waarderen banken de onderscheidende eigenschappen positief, in die zin dat familiebedrijven in de huidige omstandigheden bij financiering een streepje voor hebben? ‘Aandacht voor deze groep ondernemers is er zeker. Zo tekende ING kort geleden een contract met Nyenrode voor sponsoring van de leerstoel. In het algemeen hebben banken familiebedrijven graag als klant. De hoge solvabiliteit is een pre en er zit een ondernemer aan het roer die veel te verliezen heeft. Niet alleen financieel, ook omdat de naam van de familie op de gevel staat. Hij of zij zal er alles aan doen om succesvol te zijn en te blijven. Of ook de afdeling risicobeheer van banken familiebedrijven positief beoordeelt, betwijfel ik. Een derde van alle bedrijven valt op dit moment onder de bijzonder beheerafdeling van een bank. Daar zitten heel wat familiebedrijven bij.’

Geen hausse

Van de opvolgingsgolf bij familiebedrijven die sommigen vrezen, is volgens Flören geen sprake. ‘De hausse van babyboomers die hun bedrijf willen overdragen, zie ik niet. Bij bedrijfsoverdracht speelt vooral de economische situatie een rol. De bedragen die op dit moment betaald worden zijn laag zodat het voor ondernemers financieel vaak niet aantrekkelijk is om te stoppen. Verder zijn banken zeer terughoudend bij de financiering, ook als sprake is van een overname binnen de familie. Emotionele overwegingen spelen eveneens een rol. Iemand die een bedrijf door jarenlang hard werken heeft opgebouwd, draagt dat in crisistijd niet graag over. Veel ondernemers denken dat ze op dit moment onmisbaar zijn – terecht of onterecht.’

Objectieve keuze

Ondanks de minder gunstige omstandigheden raadt Flören aan om een opvolgingstraject niet in de ijskast te zetten. ‘Leeftijd en gezondheid vormen objectieve criteria. Dus ga door met de voorbereidingen voor een overdracht als deze normaal gesproken aan de orde zou zijn.’ Bij de opvolging draait het vooral om de kwaliteit van de kandidaat. ‘Het is verstandig om meerdere alternatieven te onderzoeken en niet per definitie te kiezen voor iemand met dezelfde achternaam. Ook onder het management of buiten het bedrijf kan zich een geschikte kandidaat bevinden. Zet daarom alle mogelijkheden op een rij en probeer objectief te komen tot een optimale keuze: opvolging binnen de familie, door een niet-familielid of wellicht toch verkoop aan een externe partij.’

Geen interesse

Opvolging binnen de familie staat en valt met de bereidheid van de volgende generatie. Op grond van internationaal onderzoek door Ernst & Young zou in Nederland meer dan 90 procent van de kinderen geen interesse hebben in overname van het familiebedrijf. Wereldwijd een van de hoogste scores, maar volgens Flören komt het geschetste beeld niet overeen met de werkelijkheid. ‘Methodiek en data van het onderzoek kloppen simpelweg niet. Zo speelt de leeftijd van de respondenten een grote rol. 19-jarigen die gevraagd wordt of zij hun ouders binnen vijf jaar willen opvolgen, zullen logischerwijs veelal negatief reageren. Leg je diezelfde vraag voor aan een potentiële opvolger van 35 dan ontstaat een ander, veel reëler beeld. Los van de bereidheid is het überhaupt niet verstandig al op jonge leeftijd de leiding van het familiebedrijf over te nemen. Het is veel beter om eerst elders ervaring op te doen.’

Volle zaal

Het onderzoek naar opvolging zorgde er wel voor dat de problematiek van familiebedrijven hoger op de politieke agenda kwam. ‘De aandacht vanuit Den Haag heeft echter geen structureel karakter. De ervaring leert dat dit vooral afhangt van de personen die in de regering zitten. Wel ontstaat steeds meer het besef dat de focus op continuïteit een goed bedrijfsmodel oplevert. De tijdgeest speelt familiebedrijven in de kaart.’ Ook buiten de politiek neemt de erkenning toe. ‘Toen ik ruim twintig jaar geleden startte met onderzoek naar familiebedrijven was vrijwel geen student te vinden die er wilde werken. Maar het stoffige, saaie imago uit het verleden is verdwenen en familiebedrijven krijgen steeds meer waardering. Zij worden gezien als een aantrekkelijke werkgever.’

Het animo voor de Dag van het Familiebedrijf onderstreept deze tendens. ‘Bij de eerste editie in 1993 konden wij niet bevroeden dat dit evenement uit zou groeien tot een heuse traditie. Op 11 november vindt op Nyenrode de 16e editie plaats en zorgen meer dan driehonderd familieondernemers voor een volle zaal. Dit geeft eens te meer aan dat familiebedrijven hot zijn.’ n

Veel ondernemers denken dat ze

onmisbaar zijn

Professor dr. Roberto Flören bekleedt de Baker Tilly Berk Leerstoel Familiebedrijven en Bedrijfsoverdracht op Nyenrode Business Universiteit. Hij constateert dat de tijdgeest familiebedrijven in de kaart speelt. ‘Het besef neemt toe dat hun focus op continuïteit een goed bedrijfsmodel oplevert. Het stoffige, saaie imago uit het verleden is verdwenen en familiebedrijven krijgen terecht steeds meer waardering.’

Roberto Flören: ‘De tijdgeest speelt

familiebedrijven in de kaart.’