Column

geplaatst: 23-02-2015

DE WIJZIGINGEN IN DE WERKLOOSHEIDSWET

De Werkloosheidswet (WW) biedt werknemers een verzekering tegen het risico van inkomensverlies als gevolg van werkloosheid. De WW is een tijdelijke uitkering om het verlies aan inkomen tussen twee banen op te vangen. De overheid stelt wel een aantal voorwaarden aan het recht op WW. Zo moet de werknemer in de 36 weken voordat hij werkloos wordt, minimaal 26 weken hebben gewerkt. Ook wordt van de werknemer verwacht dat hij actief op zoek gaat naar een nieuwe baan.

De regering wil de WW activerender maken om ervoor te zorgen dat werknemers sneller terugkeren op de arbeidsmarkt. De kansen op een baan nemen namelijk af naarmate de werknemer langer werkloos is. In het kader van de Wet werk en zekerheid zijn de volgende (belangrijkste) wijzigingen voorgesteld:
 
-De WW-uitkering bedraagt momenteel maximaal 38 maanden. De maximale duur van de WW wordt vanaf 1 januari 2016 geleidelijk (per kwartaal met een maand) teruggebracht van 38 naar 24 maanden. Vanaf 1 april 2019 geldt dan een recht op maximaal 24 maanden WW-uitkering.
 
-De duur van de WW-uitkering is afhankelijk van het arbeidsverleden. In het huidige systeem telt elk arbeidsjaar voor één maand WW-uitkering. Een arbeidsverleden van 20 jaar = 20 maanden WW-uitkering. Dit blijft in de nieuwe wetgeving hetzelfde voor de eerste tien jaar. Na tien jaar wordt er voor elk arbeidsjaar vanaf 2016 een halve maand WW-duur gerekend. Het arbeidsverleden vóór 2016 wordt aldus gerespecteerd; alle jaren voor 2016 tellen voor één maand WW.
 
-Eén van de voorwaarden voor het (behoud van het) recht op een WW-uitkering is de verplichting van de werkloze werknemer om te solliciteren. Een werknemer mag volgens het huidige systeem het eerste jaar solliciteren op een baan met hetzelfde niveau. Na een jaar is een werknemer verplicht om alle arbeid te aanvaarden, ongeacht het niveau. Vanaf 1 juli 2015 mag een werknemer nog steeds de eerste zes maanden solliciteren op een baan met hetzelfde niveau, maar na deze zes maanden wordt alle arbeid als passend beschouwd. Dit betekent dat een werkloze werknemer na zes maanden op alle functies moet solliciteren, ongeacht het niveau van de baan, tenzij aanvaarding om redenen van lichamelijke, geestelijke of sociale aard niet van hem kan worden gevergd.
 
-Per 1 juli 2015 wordt de verrekening van inkomsten uit arbeid van een WW-gerechtigde gewijzigd. Op dit moment wordt het gewerkte aantal uren verrekend met de WW-uitkering. Dit kan tot een lager totaal inkomen leiden in de situatie dat een werknemer arbeid aanvaardt tegen een loon dat lager is dan de hoogte van de WW-uitkering. Om een dergelijk financieel nadeel tegen te gaan en werkhervatting tegen een lager loon niet te ontmoedigen, wordt de systematiek van urenverrekening vervangen door een systematiek van inkomensverrekening. Deze systematiek houdt in dat een deel van de (extra) inkomsten in mindering wordt gebracht op de uitkering. Het overige deel behoudt de werknemer, zodat werkhervatting altijd lonend is.
 
mr Heleen Dammingh
Van Benthem & Keulen Advocaten & Notariaat
heleendammingh@vbk.nl
 

Column

geplaatst: 20-02-2015

DE DISFUNCTIONERENDE MEDEWERKER: DOSSIEROPBOUW BLIJFT VAN WEZENLIJK BELANG!

Indien de werkgever afscheid wil nemen van een werknemer die onder de maat presteert, moeten wij vaak constateren dat geen verbetertraject is uitgezet en er evenmin een dossier is opgebouwd. De rechter verwacht echter dat de werknemer duidelijk wordt gemaakt wat de (functie)eisen zijn en in hoeverre hij daaraan al dan niet voldoet, de zogenaamde nulmeting.

Ook moet met een disfunctionerende werknemer een verbetertraject worden afgesproken. Daarvoor bestaat geen vaste werkwijze, maar gedacht kan worden aan periodieke gesprekken over het functioneren, coaching en/of begeleiding en het aanbieden van opleiding. Deze gesprekken moeten schriftelijk worden bevestigd en worden voorzien van concrete voorbeelden. Veelal moet bij een dergelijk traject gedacht worden aan een periode van 6 tot 12 maanden. De werknemer moet ook te kennen worden gegeven dat het ‘vijf voor twaalf’ is en dat de arbeidsovereenkomst beëindigd zal worden als het functioneren niet drastisch verbetert.
 
Los hiervan is het zaak om problemen op tijd te signaleren en tussentijdse opmerkingen vast te leggen in bijvoorbeeld een e-mail en door regelmatig functionerings- of beoordelingsgesprekken te houden. Echter, ondanks het feit dat er geen dossier is opgebouwd en er geen verbetertraject is aangeboden, kunnen wij nu vaak toch een beëindiging van de arbeidsovereenkomst bewerkstelligen. Aan het ontbreken van een dossier c.q. verbetertraject hangt dan vaak wel een hoog prijskaartje.
 
Als gevolg van de inwerkingtreding van de Wet Werk en Zekerheid zal het vanaf 1 juli 2015 veel lastiger worden om in dergelijke situaties de arbeidsovereenkomst te beëindigen. Er wordt namelijk expliciet in de wet opgenomen dat het bij beëindiging wegens disfunctioneren een voorwaarde is dat de werkgever de werknemer tijdig van het disfunctioneren in kennis heeft gesteld en hem voldoende gelegenheid heeft geboden zijn functioneren te verbeteren. Ook mag het disfunctioneren niet het gevolg zijn van onvoldoende zorg voor scholing of voor de arbeidsomstandigheden. Hier komt bij dat de hoogte van de transitievergoeding, die veel lager ligt dan de huidige beëindigingsvergoedingen, wettelijk vastligt en de rechter daarvan alleen mag afwijken wanneer de ontbinding het gevolg is van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werkgever. Afscheid nemen zonder dossier of verbetertraject valt daar waarschijnlijk niet onder.
 
Wij verwachten dat rechters, gelet op de grote financiële gevolgen van het ontslag voor een werknemer, veel vaker dan nu tot afwijzing van ontbindingsverzoeken zullen overgaan. U kunt daarop anticiperen door nu al te beginnen met een goede dossieropbouw.
 
mr Sylvia Gerdes
Van Benthem & Keulen Advocaten & Notariaat
sylviagerdes@vbk.nl
 

Column

geplaatst: 18-02-2015

EIGENRISICODRAGER ZIEKTEWET EN WGA?

Per 1 januari 2014 is de ‘Wet beperking ziekteverzuim en arbeidsongeschiktheid vangnetters’ (Wet BEZAVA) ingevoerd. Het doel van deze wet is om de grote instroom van de vangnetters vanuit de Ziektewet in de WIA te beperken. Een van de belangrijkste gevolgen van de invoering van de Wet BEZAVA is dat via een premiedifferentiatie aan individuele werkgevers wordt doorberekend hoeveel van hun ex-werknemers een Ziektewetuitkering dan wel WGA-uitkering ontvangen.
 
Deze individuele premiedifferentiatie geldt voor de volle omvang voor grote werkgevers (vanaf honderdmaal de gemiddelde loonsom) en slechts gedeeltelijk voor een middelgrote werkgever (elf tot honderdmaal de gemiddelde loonsom). Het andere deel wordt sectoraal bepaald. Voor de kleine werkgever (t/m tienmaal de gemiddelde loonsom) geldt een volledig sectoraal bepaalde premie.
 
Voor de WGA-uitkeringen van vaste werknemers (WGA-vast) werd al een gedifferentieerde premie doorberekend. Het gevolg van de invoering van de Wet BEZAVA is dan ook dat ook de Ziektewet- en WGA-uitkeringen van tijdelijke werknemers en van werknemers van wie het dienstverband binnen de 104 weken wachttijd wordt beëindigd door bijvoorbeeld een ontbindingsbeschikking van de kantonrechter, worden meegeteld bij de berekening van de premie (WGA-flex). Hetzelfde geldt voor werknemers die binnen vier weken na het einde van het dienstverband ziek worden.
 
De premiedifferentiatie is niet van toepassing op eigenrisicodragers. Zij dragen het risico van de uitkeringen immers al zelf. Ook eigenrisicodragers moeten echter in de periode vanaf 2014 tot 2016 de gedifferentieerde WGA-flex-premie betalen. In 2014 en 2015 is het namelijk nog niet mogelijk om eigenrisicodrager te worden voor de WGA-flex uitkeringen. Vanaf 1 januari 2016 worden de premiestellingen van de WGA-flex en de WGA-vast samengevoegd, dus vanaf dat moment kan een werkgever voor het eigen risico voor de totale WGA-lasten kiezen. Belangrijk is dat, hoewel de WGA-flex-uitkeringen vanaf 2012 meetellen voor de hoogte van de gedifferentieerde premie, de uitkeringen zelf niet voor rekening van de (nieuwe) eigenrisicodrager komen. Alleen de uitkeringen van de werknemers die na 1 januari 2016 ziek worden, komen voor risico van de eigenrisicodrager.
 
Voor een werkgever die veel (ex-)werknemers heeft die een Ziektewetuitkering of WGA-uitkering (vast of flex) ontvangen als gevolg waarvan een opslag op de premie voor de Ziektewet dan wel WGA wordt berekend, kan het – gelet op het voorgaande – gunstig zijn om eigenrisicodrager te worden. Een werkgever doet er daarom goed aan zijn ‘vangnetters’ in beeld te brengen en in beeld te houden.
 
mr Ilse Witte
Van Benthem & Keulen Advocaten & Notariaat
ilsewitte@vbk.nl

Column

geplaatst: 12-02-2015

POLITIEK CORRECT GEDRAG

Is het mijn leeftijd – ik ben 53? Of komt het omdat ik altijd al lid ben geweest van de ‘late majority’, de categorie mensen die relatief laat tot verandering overgaat? Wat het ook is, social media en ik gaan niet samen.
Daarom heb ik geen Facebookaccount, word ik door slechts 12 mensen op Twitter gevolgd en behoor met 256 connecties op LinkedIn ongetwijfeld tot de losers.

Deze geringe inzet en interesse verbaast mij niets; mijn omgeving echter des te meer. ‘Als communicator en ondernemer sta je midden in de samenleving. Dan moet je toch zichtbaar zijn en je mening geven over van alles?’ Dat laatste doe ik wel, maar bij voorkeur in een café of restaurant. En niet aan iedereen, maar gewoon aan degene tegenover mij: een vriend(in), broer of collega. Dat dit soort gedrag door sommigen als ‘asociaal’ wordt bestempeld, nam ik tot voor kort voor kennisgeving aan.
 
De laatste tijd neemt de (sociale) druk om actief te zijn op Facebook, Twitter, You Tube et cetera echter stevig toe. Menig goeroe – of zij die denken dit te zijn – beweert nu zelfs dat bedrijven zonder social media geen kans hebben om te overleven. Een absurde stelling. Maar zolang je deze maar actief blijft rondtwitteren gaan mensen er vanzelf in geloven.
 
En precies daar wringt de schoen. Als social media iets doen, is het hypes creëren. Neem de Ice Bucket Challenge, een creatief initiatief dat aandacht vraagt voor de spierziekte ALS. In no time groeide dit ijsbad uit tot een wereldhit op Facebook en You Tube en werd iedereen door de nominatiestrategie welhaast verplicht dit te ondergaan. Ook ik ontving de challenge en heb nog dezelfde dag voor de camera een emmer ijskoud water over mij heen gegooid. Omdat ik van een lolletje houd, maar ook omdat ik mij bewust ben van het publieke karakter van deze actie. Ik wist dat politiek correct gedrag van mij werd verwacht.
 
Dat doen social media dus. U begrijpt, ik houd graag nog even afstand.
 
Mart Rienstra
 

Column

geplaatst: 11-02-2015

STOP MET KLAGEN, BEGIN MET WAARDEREN

Nederland moet ondernemender worden. Dat is ons streven voor 2015. Maar hoe realiseren we dat?
 
Elke verandering begint bij de bron. In dit geval bij de opvoeding; dat zijn dus de ouders en de school. In mijn omgeving klagen ouders vaak over hun kinderen; ze zijn slordig, hebben geen structuur en overzicht, drinken te veel en willen altijd maar dure spullen. Niets deugt, lijkt het. Zijn we dan onze eigen jeugd vergeten? Waren wij indertijd zoveel anders? En nog relevanter: staan deze eigenschappen een ondernemend leven in de weg?

Ook scholen hebben van alles te klagen over ‘hun’ leerlingen. Docenten jammeren over inzet en discipline, over een gebrek aan belangstelling en motivatie, over het ontbreken van enig toekomstperspectief. Daarbij baart een rapport met een of twee onvoldoendes hen al ernstige zorgen; ongeacht of daar nu een acht of negen tegenover staat. Blijkbaar gaat het niet om het unieke, individuele talent maar om een algemeen gemiddelde.
 
Ook tijdens de zogenaamde tien minuten-gesprekken krijg ik vaak het idee dat van alles mis is met onze jeugd. Terwijl we toch weten dat ondernemerschap de optelsom is van de behoefte aan vrijheid, creativiteit, plezier en waardering. Juist deze eigenschappen komen nauwelijks aan bod tijdens de opvoeding, thuis en op school. Zelfs op sportverenigingen hoor ik trainers en ouders te keer gaan. Prestaties, discipline en verplichtingen voeren de boventoon.
 
Als Nederland echt ondernemender wil worden, moeten we hiermee stoppen. Stoppen met regels en verplichtingen belangrijker te vinden dan vrijheid en creativiteit. Stoppen met een vier of een vijf meer aandacht te geven dan een acht of een negen. Stoppen met klagen en beginnen met waarderen.
Als mijn kinderen straks van school zijn, gaan ze doen waar ze zin in hebben. Weten ze het niet, dan zoeken ze dat eerst maar even uit. Hebben zij daarbij hulp nodig, dan ben ik er en vraag vooral naar wat ze leuk vinden en waar ze goed in zijn. En zeg ik: ga dat lekker doen. Zo is jullie vader er ook gekomen. En nog belangrijker: zo hebben Steve Jobs, Richard Branson maar ook Einstein en Cruijff de wereld verrijkt.
 
Mart Rienstra
 

Column

geplaatst: 11-02-2015

Columnisten website Utrecht Business gezocht!

Voor de website van Utrecht Business zijn wij op zoek naar enthousiaste ondernemers die in de pen willen klimmen om regelmatig een column te posten. Dus bent u die ondernemer die zijn kennis, visie op zijn vak of belevenissen met onze lezers wilt delen? Stuur dan uw gegevens naar Kathy van der Horst: Kathy@vanmunstermedia.nl